De samenstelling van uw bestuursorgaan kan u extra belastingen kosten!

De lijst van fiscale voordelen van micro ondernemingen en kleine ondernemingen t.o.v. grote ondernemingen heeft ondertussen indrukwekkende proporties aangenomen.

Ook inzake verslaggeving (schema van de jaarrekening, jaarverslag van de zaakvoerders, commissarisverslag) heeft de grootte van de vennootschap een belangrijke impact.

De criteria om te bepalen onder welke categorie een onderneming valt, werden vorig jaar gewijzigd.

Inzake fiscaliteit moeten verbonden ondernemingen de groottecriteria altijd op geconsolideerde basis toetsen. Op fiscaal vlak zijn verbonden vennootschappen ofwel allemaal klein ofwel allemaal groot. Daarbij moet vooral aandacht besteed worden aan de consortiums. Dat zijn vennootschappen die niet via het aandelenbezit, maar via hun bestuursorgaan met elkaar verbonden zijn. Indien het college van zaakvoerders of de raad van bestuur voor meer dan de helft uit dezelfde personen bestaan, of indien er een centrale leiding is op basis van contracten of statuten, dan spreekt men van een consortium en zijn de betreffende ondernemingen verbonden.

De samenstelling van de raad van bestuur of het college van zaakvoerders kan dus een beslissende invloed hebben op de grootte van uw onderneming voor wat betreft de fiscaliteit en de verslaggeving.

Klik hier voor de fiscale voordelen van de micro ondernemingen en de kleine ondernemingen.

Bron afbeelding:                                                                                                               https://images.tijd.be/view?iid=dc:77222648&context=ONLINE&ratio=16/9&width=2560&imageType=JPEG&ts=1488610816000

Big Brother is watching you: loopt u in het vizier van de fiscus?

Ook dit jaar heeft de fiscale administratie op haar website aangekondigd welke belastingplichtigen zij in het vizier heeft voor een mogelijke controle. De geplande controles zijn het resultaat van datamining, de nieuwe doelgroepenstrategie, en de meer doorgedreven samenwerking tussen internationale belastingdiensten, waardoor het controlebeleid geoptimaliseerd kan worden met in principe minder talrijke, maar meer gerichte controles.

Voor particulieren is een controle of een vraag om bijkomende inlichtingen waarschijnlijk indien :

  • de aftrek van werkelijke beroepskosten werd toegepast als loontrekkende
  • inkomsten uit het buitenland werden ontvangen die niet werden aangegeven
  • een meerwaarde gerealiseerd werd bij de verkoop van gronden en/of gebouwen, die niet werd aangegeven
  • geen aangifte in de personenbelasting werd ingediend, ondanks de verstuurde herinnering.

Een onderneming wordt mogelijk gecontroleerd indien :

  • zij één of meerdere (gedeeltelijke) vrijstellingen van doorstorting van bedrijfsvoorheffing inroept waarvan de toekenningsvoorwaarden moeten worden nagekeken;
  • er een vermoeden is dat er ten onrechte een btw-tegoed is ontstaan of werd verrekend
  • zij verlaagde roerende voorheffing op door haar betaalde of toegekende dividenden heeft betaald
  • zij in haar hoedanigheid van grote onderneming de belastbare meerwaarden op aandelen of deelbewijzen die zij heeft verwezenlijkt, niet heeft aangegeven
  • zij geen belastingaangifte heeft ingediend ondanks de verstuurde herinnering

Daar stopt het echter niet. Wellicht zullen ook de reeds gevoerde acties gehandhaafd blijven en zelfs nog opgevoerd. In 2016 ging dat over de volgende ondernemingen :

  • horecabedrijven die niet voldoen aan de verplichting van het geregistreerd kassasysteem (witte kassa)
  • Bedrijven die deel uitmaken van een BTW-eenheid, en die bepaalde verplichtingen inzake BTW niet nageleefd hebben
  • vennootschappen die vereffend werden en waarbij een vermoeden bestaat dat niet alle fiscale heffingen werden voldaan

Op basis van recente arresten en gebeurtenissen mogen daarnaast ook de volgende belastingplichtigen op de bijzondere aandacht van de fiscus rekenen :

  • Belgische belastingplichtigen met onroerende en roerende bezittingen in het buitenland - De Belgische fiscus ontvangt van alle landen van de Europese Unie en van de Europese Economische Ruimte (vanaf 2018 voor Zwitserland en Oostenrijk), bijna alle landen van de OESO en nog andere landen
  • alle inlichtingen over de roerende inkomsten van Belgische belastingplichtigen in die landen. (interesten, dividenden, meerwaarden op aandelen, liquidatieboni en rekeningsaldi)
  • informatie over levensverzekeringen, aangegaan bij buitenlandse maatschappijen
  • het bezit van onroerende goederen in het buitenland
  • Managementvennootschappen die bestuurder of zaakvoerder van andere vennootschappen zijn.

De Belgische fiscus voert sedert enkele jaren controles op de aftrekbaarheid van managementprestaties als beroepskosten. Het bestaan en de omvang van de effectieve prestaties wordt hierbij onder de loep genomen. De vergoedingen moet marktconform zijn. De fiscus kan zich hierbij steunen op recente rechtspraak in haar voordeel.

  • Bedrijfsleiders met een eigen exploitatie- of managementvennootschap waarin vastgoed werd aangekocht. Dat kan zowel gaan over een vruchtgebruikconstructie als een aankoop in volle eigendom.

Hou er rekening mee dat de fiscus ook gebruik maakt van informatie die ze vindt op het internet : sociale media, advertenties op websites, zowel van particulieren als bedrijven. Bij elke controle wordt de website van het te controleren bedrijf intensief bekeken. Ook eventuele Facebook en LinkedIn profielen van de onderneming en haar bestuurders worden ontleed.

De controleurs die bij de ondernemingen binnenkomen zijn bijgevolg heel goed geïnformeerd en voorbereid.

Zorg ervoor dat U ook goed voorbereid bent ! Wij kunnen U hier uiteraard in bijstaan. Hebt U nood aan een fiscale audit ? Neem dan contact op met ons !

Bron afbeelding: 

https://bigdatabigbrotherbigboon.wordpress.com/2016/11/01/big-data-in-society-security-terrorism-conflict-and-intervention/

meer zekerheid omtrent aandelenoptieplannen voor personen die actief zijn via managementvennootschappen

Voor het uitwerken van een aandelenoptieplan kan gebruik gemaakt worden van opties of warrants.

Veel ondernemingen wensen bepaalde ‘key-persons’ goed te verlonen en voor langere tijd aan het bedrijf te binden. Omwille van het gunstig fiscaal regime vormt het toekennen van aandelenopties daarbij een interessant instrument.

Lange tijd was het onduidelijk of dit fiscaal stelsel ook van toepassing is wanneer de betrokken persoon via een managementvennootschap actief is.  Op 13 april 2017 heeft de fiscale administratie in een circulaire uiteengezet hoe dergelijke aandelenopties fiscaal moeten behandeld worden en daarmee impliciet bevestigd dat het belastingstelsel van de aandelenopties wel degelijk van toepassing is bij” de toekenning door een vennootschap van aandelenopties op haar aandelen aan de zaakvoerder van een managementvennootschap die aan eerstgenoemde vennootschap managementprestaties verstrekt”.

Ook over de berekening van het voordeel wordt in deze circulaire duidelijkheid verschaft : de belastbare grondslag wordt forfaitair berekend en is in principe gelijk aan 18% van de werkelijke waarde van de achterliggende aandelen. Wanneer de optie echter wordt toegekend voor een periode van meer dan vijf jaar, dan wordt het belastbaar voordeel verhoogd met 1% per jaar (of gedeelte van een jaar) dat de vijf jaar overschrijdt. Het tarief van 18% kan niet gehalveerd worden, zelfs al de managementvennootschap bestuurder is van de vennootschap die de aandelenoptie toekent.

Aarzel niet om met ons contact op te nemen indien U meer informatie wenst omtrent de praktische toepassing van dit systeem.

Wijziging BTW-voorschotten voor kwartaalaangevers

Het Koninklijk besluit betreffende de afschaffing van de BTW kwartaalvoorschotten werd op 23/02/2017 in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd. Vanaf 1 april 2017 moeten BTW kwartaalaangevers bijgevolg geen voorschotten meer betalen.

Oude regeling : uiterlijk de 20ste van de tweede en de derde maand van ieder kwartaal moest een BTW voorschot betaald worden tot beloop van 1/3 van de BTW die in het voorafgaande kwartaal verschuldigd was. Deze voorschotten werden in de daaropvolgende BTW aangifte afgetrokken van de verschuldigde kwartaal BTW. Indien de voorschotten niet betaald werden, was er intrest verschuldigd.

Nieuwe regeling vanaf 1 april 2017 :

1/ de BTW kwartaalvoorschotten worden afgeschaft. De laatste BTW voorschotten van februari en maart worden nog in de BTW aangifte van april verrekend. Voortaan moet er per kwartaal enkel nog de effectief verschuldigde BTW betaald worden in de maanden waarin de BTW kwartaalaangifte wordt ingediend (uiterlijk de 20ste van de eerste maand van ieder kwartaal).

2/ invoering van het "decembervoorschot", dat vergelijkbaar is met het voorschot verschuldigd door de maandaangevers. Uiterlijk 24 december moet een voorschot betaald worden dat wordt berekend op basis van de verrichtingen tussen 1 oktober en 20 december van het lopende kalenderjaar. In de meeste gevallen is een correcte bepaling van dat bedrag op 24 december echter niet haalbaar. Als alternatief mag het BTW bedrag, dat verschuldigd was voor het derde kwartaal, als decembervoorschot betaald worden. Dat voorschot wordt vervolgens in januari afgetrokken van het verschuldigde BTW saldo over het vierde kwartaal. Indien het decembervoorschot niet betaald wordt, is er intrest verschuldigd.

De nieuwe innovatie-aftrek: een opportuniteit voor IT-bedrijven

Op 2 februari 2017 werd door het parlement de wet goedgekeurd waarbij een fiscale aftrek voor innovatie-inkomsten werd ingevoerd.

Deze aftrek geldt reeds voor inkomsten die gerealiseerd werden vanaf 1 juli 2016 en kan dus ook al van toepassing zijn voor het voorbije boekjaar. 

De inkomsten die voor de aftrek in aanmerking komen moeten betrekking hebben op intellectuele eigendomsrechten, meer specifiek:

1/ octrooien of aanvullend beschermingscertificaten

2/ kwekersrechten

3/ weesgeneesmiddelen

4/ data- of marktexclusiviteit

5/ auteursrechtelijk beschermde computerprogramma’s of software

Het is deze laatste categorie die voor de vele IT-bedrijven interessante perspectieven biedt. Ook software die ontwikkeld werd voor de verbetering van interne bedrijfs- en productieprocessen kan in aanmerking komen voor de aftrek.

De aftrek bedraagt 85% van de kwalificerende netto-inkomsten, maar er zijn toch enkele belangrijke aandachtspunten :

  • De software moet het resultaat zijn van een onderzoeks- of ontwikkelingsproject zoals gedefinieerd voor de vrijstelling van de bedrijfsvoorheffing O&O
  • De software mag nog geen inkomsten voortgebracht hebben vóór 1 juli 2016
  • De aftrek wordt beperkt indien de software slechts gedeeltelijk door de onderneming werd ontwikkeld.

Om van deze aftrek te kunnen genieten is het van cruciaal belang om te kunnen beschikken over bewijskrachtige gegevens en documentatie, zowel wat inkomsten en gerelateerde uitgaven betreft.

Uiteraard kan ons kantoor U begeleiden bij deze administratieve verplichtingen. 

Dit is een niet te missen opportuniteit !