π”ππƒπ€π“π„β€‚π‘π„π†π„π„π‘π€πŠπŠπŽπŽπ‘πƒβ€‚:β€‚π‘πžπ πžπ«π’π§π β€‚π₯π¨π§π€π­β€‚π§πšπšπ«β€‚π£πžβ€‚π«πžπ¬πžπ«π―πžπ¬β€‚β€“β€‚π¦πžπ­β€‚πžπžπ§β€‚πŸπ’π¬πœπšπ₯πžβ€‚π°π¨π«π­πžπ₯ !!!

Goed nieuws voor wie op 1 juli 2025 al drie jaar liquidatiereserves opzij heeft staan: vanaf deze zomer mag je kiezen. Ofwel keer je nu al uit aan 6,5% roerende voorheffing, of je wacht nog twee jaartjes extra en dan betaal je slechts 5%. Flexibiliteit troef!

Volgens de woordvoerder van Jambon is deze aanpassing aan het regeerakkoord een directe reactie op wat leeft bij de KMO’s. Maar ook de begroting speelt mee: de regering verwacht dat meer bedrijven hun reserves sneller zullen uitkeren, waardoor er sneller roerende voorheffing wordt geΓ―nd. Die extra inkomsten moeten het gat dichten dat is ontstaan doordat de federale intrestaftrek op tweede woningen pas later kan worden afgeschaft dan gepland β€” en dus ook pas later inkomsten oplevert.

Let wel: voor nieuwe reserves die onder de nieuwe regeling worden opgebouwd, geldt enkel het nieuwe systeem. Dat betekent automatisch: minstens drie jaar wachten en afrekenen aan 6,5%.

auteur: Gaby Van Loock